Het eerste contact met een vrouw is het contact met de moeder, die belast is met de zwangerschap, geboorte, het verzorgen en grootbrengen van haar kind.

De geschiedenis kent geen geloof of systeem dat de vrouw zo verhoogt en vereert als moeder zoals de Islam dat doet. De Islam prijst de vrouw herhaaldelijk, en dit wordt meteen genoemd na het bevel om de Eenheid van Allah te geloven en aanbidden. Allah heeft het eren van de moeder tot deugd gesteld, en hij geeft haar meer rechten dan de vader, voor alles wat ze doormaakt tijdens de zwangerschap, bevalling, verzorging en opvoeding van haar kinderen. In meerdere hoofdstukken in de Koran wordt dit vermeld en herhaald, zodat het kind het opneemt in zijn hart en ziel, met behulp van de volgende verzen: Wij hebhen de mens op het hart gedrukt betreffende zijn ouders, zijn moeder droeg hem in zwakte op zwakte, en zijn zogen nam twee jaren in beslag. Zeg Mij en uw ouders dank, tot Mij is de terugkeer. [Surah 31:14] en En Wij hebben de mens vriendelijkheid jegens zijn ouders geboden. Zijn moeder draagt hem met ongemak en baart hem met smart. En zijn dragen en spenen nemen dertig maanden in beslag totdat, wanneer hij zijn volle kracht bereikt heeft en veertig jaren wordt, hij zegt: “Mijn Heer, stel mij in staat, dat ik dankbaar moge zijn voor de gunsten die Gij mij en mijn ouders hebt bewezen en dat ik het goede moge doen, dat U behaagt. En laat mijn nakomelingen rechtvaardig zijn. Ik wend mij tot U: en waarlijk, ik behoor tot de Moslims. [Surah 46:15]

Op een dag kwam een man naar de Profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem), en vroeg hem: “Wie heeft het meeste recht op mijn zorg?” Hij antwoordde: “Uw moeder.” Toen vroeg de man: “En wie daarna?”. Hij antwoordde: “Uw moeder.” En de man: “En daarna?” Hij zei: “Uw moeder.” De man vroeg (voor de vierde keer), “En daarna?”. Hij zei: “Uw vader.” [Overgeleverd door Bukhari en Muslim]

Al-Bazzar vertelt dat een man de Ka’bah rondliep met zijn moeder op zijn rug.

De Profeet (Allah’s zegen en vrede zij met hem) vroeg hem: “Heeft u haar al terugbetaald?” en de man zei: “Nee, zelfs niet voor één van haar moeiten.” (met andere woorden de moeiten veroorzaakt tijdens de bevalling en geboorte, etcetera) [Overgeleverd door Al-Bazzar (1872)] Goed zijn voor je moeder betekent dat je haar goed behandelt, respecteert, jezelf nederig opstelt voor haar, haar gehoorzaamt zonder dat je Allah ongehoorzaamt, haar geluk na te streven op allerlei gebieden, zelfs in een heilige oorlog. Als hij de keuze heeft, moet hij haar toestemming hebben, om goed voor haar te zijn tijdens een jihad. [Jihad is de strijd (fysiek, mentaal, psychologisch, spiritueel, etc.) om de reinheid en de beoefening van de Islam te behouden ] Een man kwam naar de Profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem) en zei: “Oh Boodschapper van Allah, ik wil gaan vechten en daarom wil ik uw advies.” Hij vroeg hem: “Heeft u een moeder?” De man zei: “Ja.” Hij zei: “Verlaat haar niet, want ze is op weg naar het Paradijs.” [ Overgeleverd door Al-Nisaai, 6/11; Ibn Majah, 1/278 and Al-Hakim. It is amended and goedgekeurd door Al-Dhahaby, 4/151.]

Voor de Islam waren er bepaalde regels die geen acht sloegen op de familieleden van moeders. Met de komst van de Islam werd de zorg voor ooms en tantes aanbevolen, zowel aan de kant van de moeder als de vader. Een man kwam bij de Profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem) en zei: “Ik heb een overtreding begaan, kan ik dat goedmaken?” Hij vroeg: “Heeft u een moeder?” De man zei: “Nee.” Hij vroeg: “Heeft u een tante aan uw moeders kant?” De man zei: “Ja.” De Profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem) zei: “Wees goed voor haar.” [Overgeleverd door Termithy in zijn boek “Righteousness and Relations” (1905); Ibn Hibban Charity (EI-Ehsan) (435); en Al-Hakim, goedgekeurd door Al-Dhahaby, 4/155, in de tijd van Umar.]

Het is verbazingwekkend dat de Islam ons opdraagt om goed te zijn voor onze moeder, zelfs als ze ongelovig is. Asma’a bint Abu Bakr vroeg de Profeet (Allah’s vrede en zegen zij met hem) hoe ze zich moest gedragen tegenover haar ongelovige moeder, die op bezoek gekomen was. Hij zei: “Behoud een goede relatie met uw moeder”. [Overgeleverd in de tijd van  Asmaa, (587).]

Een aanwijzing dat de Islam veel waarde hecht aan het moederschap, de rechten en gevoelens van de moeders, is dat een gescheiden moeder meer rechten krijgt, en ook meer recht heeft op de verzorging van haar kinderen dan de vader. `Abdallah ibn `Amr ibn Al-as vertelde dat een vrouw vroeg: “Oh Boodschapper van Allah, mijn zoon sliep in mijn baarmoeder, dronk uit mijn borsten en gebruikte mijn schoot als schuilplaats. Zijn vader heeft hem van mij afgenomen. De Profeet (Allah’s zegen en vrede zij met hem) zei: “U heeft meer recht als u niet trouwt.” [Overgeleverd door Ahmad in Al Musnad (6707). Sheikh Shaker zei dat de hadith sahih is. En ook overgeleverd door Abu Dawud.]

In ‘Landmarks of Traditions’ (Maalem As-Sunna), zei imam Al-Khataby: Een schuilplaats is een plaats waarin iets schuilt. Daarom heeft de moeder meer waarde wanneer de vader en de moeder het kind samen verwekt hebben, omdat ze was uitgekozen voor de verzorging en andere dingen waar de vader geen deel in had. Daarom verdient ze het om op de eerste plaats te komen wanneer er twist ontstaat over het kind.

Volgens de oprechtheid van Ibn ‘Abbas, die zei: “’Umar ibn Al-Khattab scheidde van zijn vrouw uit Al-Ansar, de moeder van ‘Asim. Hij ontmoette haar terwijl ze het kind droeg in Mahser (een marktplaats tussen Quba en Medina). Het kind had een speen en het kon al lopen. ‘Umar stak zijn hand uit om hem van haar af te nemen, en trok aan het jongetje totdat hij het uitschreeuwde van de pijn. ‘Umar zei: “Ik heb meer recht op mijn zoon dan u.” Ze klaagden tegen Abu Bakr, die oordeelde dat de moeder het kind moest houden. Hij zei: “Totdat het kind zo groot is dat het zelf kan kiezen, zijn haar geur, haar bed en haar schoot beter voor hem dan de uwe.” [ (Maalem as-Sunna) (2181).]

De moeder die zo wordt gekoesterd door de Islam en al deze rechten toegewezen krijgt, heeft een taak om uit te voeren. Ze moet haar kinderen verzorgen, goed opvoeden, deugden aanleren en ervoor zorgen dat ze het kwaad verachten. Ze moet ze leren om Allah te gehoorzamen en aanmoedigen om op te komen voor gerechtigheid. Vanwege de moedergevoelens in haar hart moet ze haar kinderen er niet van weerhouden om in het belang van Allah te vechten (een vorm van jihad), maar ze moet de juiste keuze boven haar gevoel stellen.

We zagen een gelovige moeder, Al-Khansaa, die tijdens het gevecht om Qadesseyah haar vier zonen aanmoedigde om dapper en standvastig te zijn. Zodra het gevecht voorbij was, en ze het bericht kreeg van de dood van al haar vier zonen, ging ze niet jammeren maar zei met zekerheid en tevredenheid: “Allah zij geprezen, omdat hij mij eerde met hun marteldood voor Zijn geloof.”

 

Leave a reply